You are currently browsing the tag archive for the 'hanoi' tag.

Welke foto uit de vorige post is hier in de maak …?

Zet je antwoord in een comment vóór 11 april.

Onder de juiste inzenders wordt een Hanoi-pakketje verloot!

feb 28 - The New Hanoian Photography Meet Up - foto: Nguyen Hoang Phuong

gespot: Feb 28 - TNH Photography Meet Up - foto: Nguyen Hoang Phuong

… met de camera op stap, samen met een club fotografie-enthousiastelingen van The New Hanoian (http://newhanoian.xemzi.com/en). Hier een kleine selectie. Meer op http://picasaweb.google.com/aquanica68/.

souvenirs van het waterpoppentheater

souvenirs van het waterpoppentheater

 

 

 

 

 

 

 

 

boot naar een huisje op een eiland midden in de drukke stad

boot naar een huisje op een eiland midden in de drukke stad

 

studiebezoek aan de Literatuurtempel

studiebezoek aan de Literatuurtempel

 

straatkeuken

straatkeuken

 

Lenin nog steeds op zijn voetstuk

Lenin nog steeds op zijn voetstuk

 

straatkapper

straatkapper

 

bulkvervoer

bulkvervoer

reizend kumquat boompje

reizend kumquat boompje

 

lampionnen in Hang Ma, 'Papier Straat'

lampionnen in Hang Ma, 'Papier Straat'

 

file in Hang Ma, 'Papier Straat'

file in Hang Ma, 'Papier Straat'

 

perzikbloesem te koop

perzikbloesem te koop

 

Meester in Kalligrafie - Chinese Karakters voor geluk en voorspoed in het nieuwe jaar

Meester in Kalligrafie - Chinese Karakters voor geluk en voorspoed in het nieuwe jaar

 

bidden in Bach Ma Tempel, Oude Stad

bidden in Bach Ma Tempel, Oude Stad

Alweer een volle maan boven Ngoc Ha, steeg nummer 172. Is het de derde of de vierde sinds ik hier woon? De tijd gaat snel!

 

Het is vandaag de vijftiende dag van de eerste maanmaand van het nieuwe jaar. Dit is elke maanmaand een belangrijke dag, maar deze eerste van het nieuwe jaar is extra belangrijk. Het was dan ook weer razend druk bij de tempels vandaag. Bij elke volle maan wordt er druk gebeden en geofferd. Niet alleen in de tempels, maar ook thuis, op het dakterras, op het voorpleintje of, bij gebrek aan beide, gewoon op de stoep. In een metalen oventje dat op een huisje lijkt, in een schaal of in een simpel vuurtje.

 

Mijn buurvrouw voert haar ritueel uit op het dak, ter hoogte van mijn balkon. Even denk ik dat er brand is, maar het is haar offervuur. Ze legt er papieren nepgeld en andere offergaven in. Boven haar zweven tientallen papieren hemellantaarns op de wind onder de maan door. Zoveel heb ik er nog nooit bij elkaar gezien, zelfs niet met Tét, het Vietnamese Nieuwjaar.

 

Tét was dus vijftien dagen geleden. Ik vierde mijn tweede Oud & Nieuw binnen een maand. Met mijn gezelschap ging ik om twaalf uur kijken naar het georganiseerde vuurwerk boven het Truc Bac Meer. Het ging een beetje de mist in, wat ook wel weer iets sfeervols had. Voor het einde van het vuurwerk barstte het verkeer al weer los. Iedereen moest op weg, ergens anders heen. Naar familie of een feest. Iedere motorrijder wilde daar als eerste aankomen en dook daarom in elk gaatje in het verkeer dat zich voordeed, zoals gewoonlijk. Met als gevolg dat alles al snel vaststond.

 

We wisten ons aan de opstopping te ontworstelen en vertrokken naar de Tay Ho Tempel, aan de oever van het Tay Ho Meer. Er zou na twaalven geofferd worden in de tempel, had ik gelezen. En of er werd geofferd! De twee mogelijke wegen naar de tempel waren ineens eenrichtingswegen geworden, zodat iedereen een rondje moest rijden. Dat bleek wel nodig ook. Honderden, misschien wel duizenden mensen kwamen naar de tempel. In de restaurantjes aan het toegangslaantje lagen de gefrituurde garnalen en andere snacks hoog opgetast te wachten op hongerige tempelbezoekers. De verkopers van wierrook, nepgeld, goudkleurige takken en andere offerandes deden goede zaken. De sfeer leek op die van een nachtelijke jaarmarkt. In de tempel zelf was het dringen geblazen voor de verschillende altaren. Aan de rand van het tempelterrein, de oever van het meer, was het rustig. Op het zacht kabbelende water dreven tientallen door kaarsjes verlichte papieren lotusbloemen.

 

De dag voor Tét ging ik naar Hang Ma, de ‘papierstraat’ en kocht er een hemellantaarn. Ook hier was het een drukte van belang. Op het laatste moment moesten er nog slingers, lichtjes, ‘lucky money’-envelopjes en andere Tét parafernalia gekocht worden. In de omringende straten was de jaarlijkse traditionele bloemenmarkt, waar veel kerststerren, gladiolen, lelies en orchideeën werden aangeboden, maar waar vooral de kumquat- en bloeiende perzikboompjes de show stalen. Al weken beheersten motoren met soms enorme bomen op de bagagedrager het straatbeeld. Ik stelde me tevreden met wat takjes roze perzikbloesem.

 

Nadat we in de Tét nacht genoeg gestaard hadden naar de gloeiende lotusbloemen die deinden op het meer, zochten we buiten de tempel een rustig plekje met gunstige windrichting om onze hemellantaarn de lucht in de sturen. Dat vergde een goede samenwerking, maar de verpakking bevatte enkele handige tips:

 

  1. After the distribution of fuel to packaging equipment Kong Cross wire in the side of the field again deduction presses. The fuel-pressure lock firmly.
  2. A person wishing light take up a Top: Another person fuel ignited the four angle.
  3. Wait for that the heat enough light, lanterns person lets loose A top hand, changes grips under the light to encircle. Has when the lifting force may let go releases for flying.
  4. Wishing light rose slowly the sky, do not forget Wishing oh ……

 

De laatste tip bleek het meest waardevol, want het zien gaan van de lantaarn wekte zoveel ver- en bewondering, dat we bijna vergaten een wens te doen …

 

raise the red lantarn - Tét nacht
raise the red lantarn – Tét nacht

Enkele Tétfoto’s in de volgende post en op http://picasaweb.google.com/aquanica68/

 

Vietnam won vanavond voor het eerst de ASEAN Cup* in een zinderende tweede finalewedstrijd tegen Thailand. Ik denk terug aan de uitzinnige gekte van de Turken die na een overwinning op het EK de Johan de Wittlaan in Arnhem op en neer raceten met Turkse vlaggen en gevaar voor eigen leven. De vreugde hier in Hanoi is minstens zo uitzinnig en nog wat massaler.

 

Na de eerste finalewedstrijd die vorige week in Thailand gewonnen werd, hoorde ik de toeters en het gegil ’s nachts vanuit mijn bed. Vanavond wil ik er live bij zijn en ga ik, ondanks mijn halve griepaanval, de straat op. De Vietnamezen op straat zijn uitzinnig gelukkig. Hun vreugde is besmettelijk en met een vette grijns loop ik wat rond in de buurt en maak ik foto’s. Hier een impressie …

 

*ASEAN Cup, voorheen Tiger Cup, is vergelijkbaar met het Europees Kampioenschap

vietnam-wint-suzuki-cup-1-webversie1

vietnam-wint-suzuki-cup-2-webversie

vietnam-wint-suzuki-cup-3-webversie

vietnam-wint-suzuki-cup-4-webversie

vietnam-wint-suzuki-cup-5-webversie

vietnam-wint-suzuki-cup-6-webversie

kerstlichtjes nguyen pham tuan street

kerstlichtjes nguyen pham tuan street

 

allenige bewaker international convention center

allenige bewaker international convention center

 

entree international convention center

entree international convention center

 

toelip uit Ha Lan op le hong phong street

toelíp uit Ha Lan op le hong phong street

 

kerstboom en inpaktafel bij de boekhandel

kerstboom en inpaktafel bij de boekhandel

 

lobby international convention center

lobby international convention center

 

kerstmannetje en - vrouwtje

kerstmannetje en - vrouwtje

 

mausoleum ho chi minh - ba dinh square

mausoleum ho chi minh - ba dinh square

 

mausoleum ho chi minh - ba dinh square

mausoleum ho chi minh - ba dinh square

Onderweg naar de moderne supermarkt voor mijn zaterdagse boodschappen, passeer ik altijd de bijna 1000 jaar oude Quan Thanh Pagode. Vandaag wip ik even binnen. De pagode is gewijd aan Tran Vu, een hoge official onder het bewind van Koning Le Thai To.

de toegangspoort - het is rustig

de toegangspoort - het is rustig

 

 

 

 

veel eer en symboliek voor Tran Vu

veel eer en symboliek voor Tran Vu

 

diverse offerandes voor Tran Vu

diverse offerandes voor Tran Vu

 

bloemen en 'goud' aan de voeten van Tran Vu

bloemen en nepgoud aan de voeten van Tran Vu

 

wierook voor de wakende olifant

wierook voor de wakende olifant

‘Five thousand’, zegt het joch van de parkeerplaats met een brutaal gezicht en steekt om zijn prijs kracht bij te zetten vijf vingers in de lucht. Ik lach ‘m uit. De normale prijs voor het parkeren van een fiets is hooguit tweeduizend dong. Dus steek ik twee vingers omhoog. Maar hij houdt vol. Ik draai me om en wil weglopen, hoe zat ik het ook ben om een parkeerplekje voor mijn fiets te zoeken. Maar ik ga er echt geen vijfduizend dong voor betalen.

 

Ik heb een missie vandaag. Er mist namelijk nog een typisch Aziatisch gebruiksartikel in mijn huishouden: de thermoskan. En hoewel de moderne Vietnamese thermoskan gemaakt is van kunststof, ga ik op zoek naar de ouderwetse metalen versie, die tegenwoordig in Nederland verkrijgbaar is als nostalgisch kitsch gadget, met meestal een uitbundig bloemenarrangement erop afgebeeld. 

 

Op de fiets rij ik richting centrum. Mijn gevoel zegt me dat ik in of rondom de grote markthal in de oude wijk de meeste kans maak er een te vinden. In moderne winkels overheersen plastic en ander kunststoffen, voor gelijk welk artikel.

 

Voor ik aan mijn zoektocht begin wil ik eerst iets eten. Het is lunchtijd. Ik rij rechtstreeks naar een parkeerplek die ik al ken van vorig jaar, om de hoek van de markthal. De opzichter wuift me naar ‘iets verderop’, in mijn interpretatie iets verder op de parkeerplek. Ik zie nog een gaatje tussen de tientallen motoren op de stoep, manoeuvreer mijn fiets daarin en zet ‘m op slot. Dan probeer ik al zwaaiend contact te krijgen met de opzichter om hem te laten weten dat mijn fiets hier staat. Nu moet hij met een krijtje een nummer op mijn zadel schrijven en mij een papiertje met dat nummer overhandigen. Normaal gesproken dan. Hij ziet me niet en ik gooi onwennig mijn eerste ‘Em oi!’ eruit, de aanspreekvorm voor een iemand die jonger is dan jijzelf. Maar blijkbaar roep ik niet hard genoeg of spreek ik het toch niet goed uit, want er volgt geen reactie. Dus loop ik naar hem toe en wijs ik naar mijn fiets. Zo gauw hij begrijpt wat ik bedoel, schudt hij zijn hoofd. ‘No bicycle here, only motorbike!’ ‘But where …?!’ Hij haalt zijn schouders op en wuift weer vaag in dezelfde richting, verder van de markt. Hmm. Ik wil niet verder weg, dus wurm ik mijn fiets weer tussen de motoren uit en fiets ik juist dichter naar de markt. Ik probeer het bij de hal zelf. Op het bord staat dat er motoren én gewone fietsen geparkeerd kunnen worden. Mooi. Maar ook hier krijg ik nul op het rekest. De opzichter gebaart vaag naar ‘iets verderop’. Hmm, dat kon wel eens moeilijk worden. Iets verderop, bij de volgende parkeerplek, wordt weer gewuifd en zo gaat dat nog een aantal keren door. Ik probeer mijn gelijkmoedigheid te behouden en rijdt in steeds grotere cirkels rondjes om de markthal. Zonder resultaat.

 

Misschien is lunchtijd niet het meest gunstige moment om een parkeerplek te bemachtigen. Overal staat het stikvol motoren. Buiten de officiële plekken is ruimte op de stoep, maar alleen als je bij het belendende zaakje een boodschap doet. Bij de achtste opzichter die liever ruimte houdt voor de dubbele inkomsten genererende motoren, besluit ik om mijn geluk te beproeven aan de andere kant van het oude centrum, een kleine kilometer verderop. En ja, daar is dus ruimte zat en mijn fiets is welkom, zij het tegen een exorbitante vraagprijs. Maar net als ik af wil druipen en mijn missie eraan wil geven, valt mijn oog op het officiële bordje. Het zegt wit op blauw dat het parkeren van een fiets tweeduizend dong kost en dus laat ik het assistentje weten dat hij hoog in de boom kan blijven zitten met zijn ‘five thousand!’ Ik parkeer mijn fiets en betaal de echte opzichter tweeduizend dong. Zonder slag of stoot overhandigt hij mij in ruil een ticket.

 

mijn mondriaan

mijn mondriaan

Na een lunch van gefrituurde visballetjes met verse koriander, vissausdip, sla en dunne ronde noodles, ga ik op jacht naar mijn thermoskan. In de straatjes rond de markthal vind ik slechts drie van het gewenste type. Eén glanzende rode met het geijkte weelderige boeket, één met een woest kijkende Chinese heerser én één in een heel curieuze uitvoering: een beheerst Mondriaanmotief in de on-Mondriaanse tinten beige, rood en donkergroen, tussen Mondriaans geplaatste zwarte lijnen. Voor slechts 70.000 dong (€ 3,30) is deze van mij. Missie toch nog geslaagd.

 

 

there's a moon over Ngoc Ha Street tonight

there's a moon over Ngoc Ha Street tonight ...

‘It giet oan’, hoor ik Henk Kroes achter mijn rug zeggen. Ik ben het registratieformulier dat de Vietnamese employee mij zojuist overhandigde op de ‘Royal Dutch Embassy’ aan het invullen. Verward kijk ik om en zie ik het televisiescherm dat de clichébeelden over Nederland aan het uitzenden is. Mijn bezwete rug is net aan het opdrogen in deze gekoelde luxe kantoortoren, dus de woorden van Henk Kroes komen lichtelijk absurd over.

 

Nu ik mijn eigen plekje heb in Hanoi is het tijd om mijn verblijf hier te laten registreren. Vanaf een muur achter de balie kijken Willem Alexander en Maxima toe hoe de employee mij vertelt dat we momenteel ambassadeurloos zijn. De vorige is al vertrokken en de nieuwe arriveert pas in januari. Wat onze Koningin daar van vindt, weet ik niet. Haar portret hangt vast wel ergens, maar niet in het zicht van de bezoeker. Alsof de troonopvolging al heeft plaatsgevonden.

 

Mijn nieuwe onderkomen is een ruime kamer in een mooi, degelijk en schoon gebouw. Het gebouw ligt aan een steeg, zo’n honderd meter van de doorgaande weg. De ronk- en toetersymfonie is hier wel te horen, maar verdunt tot een aangename herinnering aan de dynamiek van de stad in de verte. De steeg is woongebied, een andere wereld. Een oase van zacht verglijdende tijd, waarin de geluiden, geuren en kleuren van het Vietnamese dagelijks leven de rust versterken. Het gerinkel van servies, het neerzetten van een kopje op een tafelblad, een raam dat opengaat, de kleren die buiten worden gehangen om te luchten, een teil die gevuld wordt bij het kraantje in de bocht in de steeg, het zachte gepruttel van een motorfiets die langzaam voorbij rijdt, pratende buren, een huilende peuter, het geslof van een voorbijganger op plastic slippers, de zachte zang van een vrouw die ’s ochtends vroeg voorbijkomt en haar kleefrijst in bananenblad aanprijst, een musachtig vogeltje dat fluit in de klimstruik tegenover mijn balkon.

 

Dat balkon mist nog iets. Er staat een grote ficusachtige plant in de verste hoek en op de stenen balustrade in de ander hoek staan in drie aardewerken potjes een cactus, een vetplantje en een bonsaiversie van de ficusachtige. Maar om er mijn favoriete plekje van te maken moet ik er kunnen zitten, om te lezen of gewoon te luisteren en mijmeren. Bij gebrek aan een traptrede moet er dus een krukje of stoeltje komen.

 

Na afscheid te hebben genomen van het kroonprinselijke paar, dat nu zicht heeft op veel water, molens en kaas op het tv-scherm, verlaat ik de ambassade en ga op pad om een bamboe krukje te zoeken. Het is een eind fietsen naar de bamboestraat. Een heerlijk tochtje.

Bamboestraat ligt onder de bomen aan een van de vele meren in de stad. Het is een aaneenschakeling van kleine winkeltjes die alle ongeveer hetzelfde verkopen, zoals in de schoenenstraat alle winkeltjes schoenen, in de wierookstraat alle winkeltjes wierook, in de gereedschapstraat alle winkeltjes gereedschap en in de snoepstraat alle winkeltjes snoep verkopen.

Met de fiets aan de hand wandel ik langs de winkeltjes en zie dat ze overal hetzelfde bamboe krukje hebben staan. Waar moet ik ‘m nu kopen? Op basis waarvan kies ik een winkeltje uit om de onderhandelingen te starten? Besluiteloos laat ik mijn blik over het zich repeterende assortiment glijden. Een oude vrouw met een gerimpeld gezicht en haar grijze lange haar in een slordige knot vangt mijn blik. Zij zit midden in haar winkeltje met bamboe spulletjes, opgestapeld tegen aquagroene muren.  Dit lijkt mijn winkeltje te zijn.

Ik wijs op een krukje en vraag haar naar de prijs. De prijs die ze noemt, is niet hoog, maar onderhandelen is meestal een must, dus doe ik een tegenbod. Ze is echter duidelijk niet van plan om er iets af te doen. Na een tweede tegenbod van mij, wijst ze daarom maar op een stoeltje dat goedkoper is. Ze gebaart dat ik het stoeltje moet uitproberen. Hmm. Zit goed. Eigenlijk beter dan een krukje. Deze moet het worden. Het is een ministoeltje, maar voor een balkonstoeltje voldoet het prima. Bovendien moet het stoeltje mee op de fiets, dus dat het een erg klein stoeltje is, komt goed uit. Ik wijs op mijn pakjesdrager die niet over snelbinders beschikt en vertrouw erop dat zij een oplossing heeft. In Vietnam worden complete inboedels en veestapels per fiets vervoerd, dus het bevestigen van dit ministoeltje achterop mijn fiets zal geen uitdaging voor haar zijn. En inderdaad. Ze hoeft niet te zoeken naar een bol raffiatouw en een schaar en in een mum van tijd is mijn fiets-met-stoel rijklaar. Ik bedank haar en voeg me op de fiets-met-stoel weer in de motorenstroom.

 

’s Avonds zit ik in het donker, in mijn nieuwe stoeltje, op mijn eigen balkonnetje, in mijn steeg in Hanoi en mijmer en luister. Flarden van gesprekken waaien door de steeg. De overburen kaarten. De buurman daarboven rookt een sigaret, zittend in het raamkozijn. Een tv staat aan en ik hoor de tune van onze Lotto Weekend Miljonairs voorbij komen! Ik zoek de zender op mijn televisie en zap langs kanalen met Vietnamees nieuws, Vietnamese soaps, Koreaanse historische soaps, Chinees economisch nieuws, Australisch nieuws, BBC world news, National Geographic, Discovery Channel en Japanse humor en uiteindelijk vind ik de Vietnamese versie van onze kennisquiz. Zelfs Ajax – Sparta vind ik, met Australisch commentaar. Ik vraag me af of ze de woorden ‘it giet oan’ ook zouden laten horen, mocht de winter in Nederland streng genoeg worden om ze uit te spreken. Ik vermoed van niet. Maar wie weet organiseert de nieuwe ambassadeur in dat geval een koek-en-zopie-dag met een straalverbinding met Friesland. Zou W. A. van Buren dan ook van de partij zijn?