You are currently browsing the tag archive for the 'gekko' tag.

Mijn voorlopig favoriete stekje is het trapje voor de deur, vooral ’s avonds in het donker. Nog even luisterend naar het zingen van de krekels, het gekwaak van de kikkers en het ge-oink van de gekko’s. Tenminste als het laat genoeg is, want dit eens stille laantje is nu een doorgangsroute geworden naar de oever van het West Lake. Daar is het afgelopen jaar een boulevard aangelegd die nogal populair is bij de Hanoise jonggeliefden. Zij hebben nergens privacy, behalve in het donker, aan de waterkant. Daar schijnt druk te worden gevoosd. Pas als de motorgeluiden verstommen, daalt de rust neer en is de stilte hoorbaar.

 

Een andere populaire plek voor romantisch samenzijn is Lovers Lane, bijnaam voor de weg die tussen het West Lake en Truc Bach Lake in loopt. Aan beide kanten water dus. Tien jaar geleden was ik hier voor het eerst. Het was inderdaad een romantische plek. Het verkeer in Hanoi bestond toen nog voor tachtig procent uit fietsers. Niet de jachtige fietsers die wij vaak zijn, maar meer van het type dat net genoeg vaart heeft om niet om te vallen.

 

Hoe anders is het nu! Lovers Lane is Traffic Lane geworden. In ieder geval in de avondspits. Wat was ik blij met mijn fietshelm toen ik juist daar terechtkwam in een opstopping van honderden motoren en enkele auto’s. Toch voel ik me heel thuis in Hanoi als ik op de fiets zit. Het is heerlijk om onderdeel van de stroom te zijn. In Nederland zijn de straten ‘leeg’, ook al zijn ze vol met auto’s. De mensen zitten verstopt in hun compartimentjes: hun huizen, kantoren en huisjes op wielen. Hier is alles vol leven, een zacht stromende energie.

 

Is fietsen in Hanoi al een heerlijke, hoewel uitdagende, manier om je deel van het geheel te voelen, het summum is toch wel bij iemand achterop de motobike door de stad te cruisen. Je zweet niet en kunt lekker om je heen kijken. Helaas geen wind meer door je haar, want sinds kort is het verplicht om een helm te dragen, wat maar beter is ook …

 

En als ik dan voor het slapen gaan buiten op dat trapje zit, luister ik naar de zingende krekels, de kwakende kikkers en de oinkende gekko’s. Het lawaai van de stad sterft weg en het lawaai van de natuur neemt het weer over. Een weldadige lawaai, na een dag getoeter en geronk.

 

mijn fietshelm en ik
fietshelm
mijn motorhelm en ik
motorhelm